Spring naar inhoud
STAGING environment
Abonneer je op onze nieuwsbrief en ontvang 5% korting op je volgende bestelling!
10-04-2024

Op een lepel: olijven en olijfolie

Ze zijn klein, ovaal, groen of zwart en glimmend. Je houdt van ze of je haat ze. Er bestaan zelfs relatietheorieën over. Dus, weet je al waar we het over hebben?

Olijven, natuurlijk!

Olijven worden vooral geteeld in Griekenland, Italië, Spanje, Turkije en Marokko, meestal in zogenaamde olijfgaarden. Dat zijn boomgaarden vol olijfbomen, waarvan sommige wel duizend jaar oud zijn. Jonge olijven zijn groen van kleur, en hoe rijper ze zijn, hoe donkerder ze worden. Daartussenin zijn alle schakeringen mogelijk: van geel en lichtbruin tot paars en bijna zwart. Ze zijn niet alleen een lust voor het oog, maar ook rijk aan voedingsstoffen: olijven bevatten vitamine A en E, magnesium, kalium, natrium én een gunstig vetzuurprofiel dankzij de enkelvoudig onverzadigde vetzuren en polyfenolen.

Olijven worden geteeld voor directe consumptie, als tafelolijven of voor de productie van olie. Welke olijf waarvoor geschikt is, hangt af van het smaakprofiel. Zo zijn de Griekse Kalamata-olijven, met hun donkerbruine tot zwarte kleur, te bitter voor olieproductie. Om die bitterheid te verminderen, worden ze eerst geweekt in pekel en vervolgens in azijn. Daarna worden ze bewaard in pekel of olie tot ze in je salade of martiniglas belanden.

Groen goud

Olijfolie is onmisbaar in elke keuken, zeker in die van het Middellandse Zeegebied. Maar hoe wordt die olie eigenlijk gemaakt? De olijven worden gewassen en vervolgens met pit en al fijngemalen tot een pasta. Daarbij wordt geen onderscheid gemaakt tussen rijpheid of kleur: alle olijven worden samen verwerkt. De pulp fermenteert kort in zuurstof, waarna de lichtgroene olie eruit wordt geperst.

Omdat olijfolie niet goed tegen licht, zuurstof en warmte kan, wordt ze meestal bewaard in blikken of donker glas. Zo blijft ze beter beschermd tegen bederf. Ook polyfenolen, die van nature in olijfolie zitten, werken als conserveermiddel. Hoe meer polyfenolen, hoe langer de olie goed blijft. En wat gebeurt er bij verhitting? Olijfolie heeft een rookpunt van zo’n 180 graden Celsius. Wordt ze heter, dan kunnen de smaak en voedingsstoffen achteruitgaan. Je kunt er dus prima in bakken, maar doe dat op middelhoog vuur. Voor heet bakken kun je beter koolzaadolie gebruiken. Bewaar je olijfolie voor salades, dips en andere koude of lauwe gerechten, zodat je optimaal profiteert van de gezonde vetzuren.

Wie is wie in de wereld van olijfolie

Stel je voor: je staat in de winkel en wilt olijfolie kopen voor een gezellig diner met vrienden. Maar wat betekenen al die termen op de etiketten? Geen zorgen – wij helpen je op weg:

  • Koudgeperst (koude extractie): de olie is geperst bij een temperatuur onder de 28 graden Celsius, waardoor smaak en voedingsstoffen behouden blijven.
  • Extra vierge: dit is de hoogste kwaliteit, afkomstig van koude extractie. Deze olie bevat de meeste onverzadigde vetzuren, antioxidanten en polyfenolen, maar is daardoor ook iets minder lang houdbaar.
  • Vierge of olijfolie van de eerste persing: iets hogere zuurgraad en minder uitgesproken smaak dan extra vierge, maar nog steeds van hoge kwaliteit. Deze olie is doorgaans iets langer houdbaar.
  • Voor de echte olijvenfans

Voor de echte olijvenfans

Kun je geen genoeg krijgen van olijven? We snappen je helemaal. Daarom hebben we de lekkerste olijven uit Griekenland voor je geselecteerd. Probeer ook eens onze groene of zwarte olijvenpasta voor op brood of door je salade. Geen zin om uitgebreid te koken? Kook je favoriete pasta, warm een tomatensaus met olijven op en geniet.